Bovenbanner Railromantiek Nederland

Geschiedenis van de Noord-Friese lokaallijnen (1901-1929)

Over Noord-Friese lijntjes en de dingen die voorbijgaan (1)

Kaart met spoor- en tramlijnen in Noord-Friesland rond 1930. In rood de Noord-Friese lokaalspoorlijnen. Bron: Het Utrechts Archief.
Kaart met hoofd-, lokaalspoor- en tramlijnen in Noord-Friesland rond 1930. In rood de Noord-Friese lokaalspoorlijnen
in hun volle glorie. Bron: Het Utrechts Archief.

Van het ooit zo omvangrijke lokaalspoornet in Noord-Friesland, vroeger eigendom van de Noord-Friesche Locaal-Spoorwegmaatschappij (NFLS), is weinig meer over. De sporen liggen in nog in delen van Leeuwarden en zo hier en daar herinneren stationsgebouwen en minimusea aan het ooit roemrijke ‘lokaaltje’.

Tekst: Oege Kleijne

De toekomst van dat laatste stukje ‘Noord-Friese‘ lijkt alleen nog uit tastbare herinneringen in de vorm van dijklichamen, stations- en haltegebouwen bestaan. Initiatieven om de lijn of delen daarvan te laten herleven als museumlijn of als voor toeristen bestemd railfietstracé, mislukten vanwege de kosten of omdat overheden niet meewerkten. Het moet wel heel gek lopen als de rijdende trein ooit nog terugkeert in Noord-Friesland.

Nauwelijks rendabel
De NFLS, de Noord-Friesche Locaal-Spoorwegmaatschappij, met haar lijnen in het uiterste noorden van Friesland, is slechts een korte tijd in haar bestaan winstgevend geweest. 

(Tekst gaat verder onder de foto’s)
Een schitterende foto van HSM-locomotief 1059 en rijtuig 1065 aan het eindpunt Anjum. Het is duidelijk, iedereen poseert. Vermoedelijk het voltallige personeel van het station, inclusief de meid (in het witte schort). Links loeren jongens achter het hek en rechts, tussen de loc en het rijtuig, kijkt een meisje naar het voor die tijd ongetwijfeld spannende gebeuren. Fotograaf: Jacob Mosselman, Stichting Fotografie Willem Kamminga, Dokkum.
Een schitterende foto van HSM-locomotief 1059 en rijtuig 1065 aan het eindpunt Anjum. Het is duidelijk, iedereen poseert. Vermoedelijk het voltallige personeel van het station, inclusief de meid (in het witte schort). Links loeren jongens achter het hek en rechts, tussen de loc en het rijtuig, kijkt een meisje naar het voor die tijd ongetwijfeld spannende gebeuren. Fotograaf: Jacob Mosselman, Stichting Fotografie Willem Kamminga, Dokkum.
Stoomlocomotief nr. 1 van de Noord-Friesche Locaal-Spoorwegmaatschappij op een fabrieksfoto.
Een fabrieksfoto van loc NFLS-1, de eerste van een serie van tien locs. Bij de HSM kregen ze de nummers 1051-1060 en bij NS werden ze weer omgenummerd: 7101-7110. Een heel behoorlijke locomotief die een maximum toegelaten snelheid van 80 km/h had en die zowel voor het trekken van reizigers- als goederentreinen was ontwikkeld. Verzameling: Wietse Hoekstra.

Niet verwonderlijk
De hoge verwachtingen van het reizigersvervoer kwamen niet uit. Misschien is dat ook niet zo verwonderlijk. De gebieden boven Leeuwarden bezaten, zeker in de tijd van de opening, geen al te hoge bevolkingsdichtheid. In vroeger tijden dachten de autoriteiten niet vanuit dat perspectief. Veeleer zou een dergelijke spoorlijn welvaart brengen en kwamen er nieuwe bewoners en daarmee nieuwe treinklanten. Die vlieger ging voor de NFLS maar zeer gedeeltelijk op. Vooral het goederenvervoer bleek de inkomstenbrenger.

Een prentbriefkaart van het station en de naastgelegen veiling van Sint-Anna Parochie. De aardappelen staan in zakken hoog opgestapeld klaar voor verzending. De foto is vermoedelijk in de jaren twintig van de vorige eeuw genomen. Verzameling: Wietse Hoekstra.
Een prentbriefkaart van het station en de naastgelegen veiling van Sint-Anna Parochie. De aardappelen staan in zakken hoog opgestapeld klaar voor verzending. De foto is vermoedelijk in de jaren twintig van de vorige eeuw genomen. Verzameling: Wietse Hoekstra.

Touwtrekken
Voordat de Noord-Friesche Locaal-Spoorwegmaatschappij opgericht werd (31 mei 1899), waren tal van plannen de revue gepasseerd. Spoorlijnen naar Oostmahorn, Hantum, via Metslawier naar Drachten. Alle hadden ze gemeen dat ze stuitten op onuitvoerbaarheid en plaatselijke of regionale bezwaren. 
Het touwtrekken om een spoor- of tramlijn was heel gebruikelijk in die dagen. Maar het verkrijgen van subsidies en voldoende aandeelhouders was een heel ander verhaal. Eind 19de eeuw werd de maatschappij opgericht met als taak niet alleen de aanleg, maar ook de exploitatie van lijnen ten noorden van Leeuwarden.

Een van de weinig nog overgebleven foto's van Tzummarum uit de jaren tien. Het personeel poseert, de locomotief is neergezet. Tzummarum, rond 1913, loc HSM-1051. Fotograaf onbekend; verzameling Wietze Hoekstra.
Een van de weinig nog overgebleven foto's van Tzummarum uit de jaren tien. Het personeel poseert, de locomotief is neergezet. Tzummarum, rond 1913, loc HSM-1051. Fotograaf onbekend; verzameling Wietze Hoekstra.

De aanleg
Het overgrote deel van het lijnennet van de NFLS kreeg in ongeveer vijf jaar gestalte. Tussen 1900 en 1904 kwamen de lijnen Leeuwarden – Metslawier, Stiens – Tzummarum – Harlingen en Tzummarum – Franeker Halte in exploitatie. Pas jaren later slaagde de NFLS erin het laatste deel, Metslawier – Anjum, te verwezenlijken. In totaal omvatte het net 84 kilometer spoorlijn.
Vooral over de reden van de aanleg van Metslawier – Anjum is relatief weinig bekend. Doortrekking van de lijn naar de Lauwerszee zou voor de hand hebben gelegen, maar het bleef bij het betrekkelijk kleine Anjum dat in die tijd slechts enkele honderden inwoners bezat – veel te weinig om een rendabele reizigersdienst te waarborgen.

Een reclamefoto/luchtfoto voor een meubelfabriek in Franeker zo rond 1930. Links onder het station Franeker Halte, ooit bedoeld als tijdelijk station, omdat de lijn naar Franeker SS (aan de lijn Leeuwarden - Harlingen) doorgetrokken zou worden. Van een verlenging is het echter nooit gekomen. Fotograaf onbekend; verzameling: Lolke Visser.
Een reclamefoto voor een meubelfabriek in Franeker zo rond 1930. Links onder het station Franeker Halte, ooit bedoeld als tijdelijk station, omdat de lijn naar Franeker SS (aan de lijn Leeuwarden - Harlingen) doorgetrokken zou worden. Van een verlenging is het echter nooit gekomen. Fotograaf onbekend; verzameling: Lolke Visser.

Exploitatie
De NFLS verzorgde de exploitatie van de spoorlijnen eerst zelf met eigen stoomlocomotieven en rijtuigen. In Stiens verrees een locomotiefloods, waar de meeste diensten begonnen. Ook grotere reparaties werden in deze loods annex werkplaats doorgevoerd. In de loop der jaren, maar zeker in het begin, ondersteunden ook plaatsen als Ferwerd, Dokkum en Tzummarum de werkplaats in Stiens. Toen de lijn eenmaal was doorgetrokken tot Anjum werd daar een locomotiefloods gebouwd, die er nog altijd staat.

Stiens als centraal punt
Tot 1928 is Stiens begin- en eindpunt van vrijwel alle treindiensten geweest. De NFLS en later de HSM onderhielden ruwweg een twee-uursdienst per richting. Op marktdagen reden extra treinen naar Leeuwarden of Dokkum. Gedurende een aantal jaren werd de frequentie tussen Sexbierum en Harlingen verminderd, vanwege de hoge bijdrage die de HIJSM voor het medegebruik van de spoorlijn tussen Koetille en Harlingen moest betalen aan de concurrerende Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (SS).

Anjum 1913 met loc NFLS-1057. Een echte nieuwsfoto in die tijd, omdat hier de aanleg van het laatste stuk tussen Metslawier en Anjum op de gevoelige plaat werd vastgelegd. De komst van de fotograaf was in die tijd iets heel bijzonders. Het werk werd even gestaakt en iedereen ging er eens even echt voor staan. Fotograaf Jacob Mosselman, Stichting Fotografie Willem Kamminga, Dokkum. Verzameling: Wietze Hoekstra.
Anjum in 1913 met NFLS-loc 1057. Een echte nieuwsfoto in die tijd, omdat hier de aanleg van het laatste stuk tussen Metslawier en Anjum op de gevoelige plaat werd vastgelegd. De komst van de fotograaf was iets heel bijzonders. Het werk werd even gestaakt en iedereen ging er eens echt voor staan.
Fotograaf Jacob Mosselman, Stichting Fotografie Willem Kamminga, Dokkum. Verzameling: Wietze Hoekstra.

Goederenvervoer
Vielen de inkomsten uit het reizigersvervoer nogal tegen, bij het vervoer van goederen had de NFLS de wind aanvankelijk mee. De vele landbouwproducten vonden hun weg naar verre oorden en streken via het lokaaltje. Maar het vervoer van landbouwproducten volgt de grillen van de natuur en kent 
goede en slechte tijden. Tegenvallende oogsten leidden al enkele jaren na opening van de eerste lijnen tot het inzicht dat de exploitatie beter door anderen verricht kon worden. Zo kon immers het ondernemersrisico vrijwel helemaal worden overgeheveld op een exploitant. De Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HSM) bleek bereid die exploitatie te verzorgen, te beginnen in 1905. De nieuwe exploitant nam de eigen locomotieven en rijtuigen van de NFLS over.

Prentbriefkaart van een stoomlocomotief met personentrein te Dokkum-Aalsum in de jaren tien of twintig van de vorige eeuw. Verzameling: Wietse Hoekstra.
Prentbriefkaart van een stoomlocomotief met personentrein te Dokkum-Aalsum in de jaren tien of twintig van de vorige eeuw. Verzameling: Wietse Hoekstra.

Franeker zonder omrijsporen
Aanvankelijk bestond het plan de lijn Tzummarum – Franeker te laten aansluiten op het station van de SS in die plaats. De kosten van de overbrugging van de Harlinger Trekvaart (later het Van Harinxmakanaal) nekten dit voornemen. Om die reden was er te Franeker Halte (de naam gaf al aan dat die halte niet als eindpunt was bedoeld) geen omrijspoor. De eerste jaren hebben de treinen dus vermoedelijk geduwd teruggereden naar Tzummarum of zijn daar geduwd begonnen.

Werkenlieden en omstanders poseren voor de fotograaf te Anjum met links een tweetal goederenwagens tijdens de aanleg van de spoorlijn van Metslawier naar Anjum. Vermoedelijk is deze foto - voor die tijd van een sublieme kwaliteit - door dezelfde fotograaf genomen als die met loc NFLS-1057, want ook deze plaat toont de aanlegactiviteiten. Anjum, 1913. Fotograaf Jacob Mosselman, Stichting Fotografie Willem Kamminga, Dokkum. Verzameling: Wietze Hoekstra.
Even poseren voor de fotograaf. Vermoedelijk is deze foto - voor die tijd van een sublieme kwaliteit - door dezelfde fotograaf genomen als die met loc NFLS-1057. We zien arbeiders die bezig waren wagons met aardappelen te laden. Anjum, 1915. Fotograaf Jacob Mosselman, Stichting Fotografie Willem Kamminga, Dokkum. Verzameling: Wietze Hoekstra.

Redelijk rendabel
De jaren tien en een groot deel van de jaren twintig van de vorige eeuw waren de meest succesvolle voor de Noord-Friese lijnen. De winsten waren redelijk tot 1925. Daarna ging het gestaag bergafwaarts. In 1928 werd er voor het laatst winst gemaakt.
De in 1929 uitgebroken economische crisis ging ook in Noord-Friesland niet onopgemerkt voorbij. Werkloosheid trof een fors deel van de beroepsbevolking, lonen werden verlaagd en het besteedbaar inkomen daalde. Met grote gevolgen voor de Noord-Friese lokaallijnen.

Lees verder in deel 2

Drukte te Stiens met links de 1711 met een goederentrein naar Dokkum en rechts een loc serie 7700 met een trein richting Tzummarum. 13 september 1951. Foto: Klaas Okkinga.
Drukte te Stiens: links de 1711 met een goederentrein naar Dokkum, rechts een loc serie 7700 met een trein in de richting Tzummarum. 13 september 1951. Foto: Klaas Okkinga.

Alles weten over de geschiedenis
van het Noord-Friese spoor?

In Friesland en soms ook daarbuiten, kennen de mensen het ‘Dokkumer lokaaltje’. Van het liedje, maar soms ook van overleveringen of herinneringen.  In oktober 2013 is het 512 pagina’s dikke boek over de Noord-Friesche Locaal Spoorwegmaatschappij en de tramwegen in Noord-Friesland verschenen. Het is een echt standaardwerk voor iedereen die belangstelling heeft in de streekgeschiedenis, spoor- en tramwegen en een groot aantal autobusdiensten. Nu tegen een extra aantrekkelijke prijs. Zolang de voorraad strekt.
Interesse? Meer informatie is te vinden op de website van Uitgeverij Gegarandeerd Ongeregelmatig

Voorzijde van het boek 'Opkomst en ondergang van de Noord-Friesche Locaal-Spoorwegmaatschappij'
Voorzijde van het boek 'Opkomst en ondergang van de Noord-Friesche Locaal-Spoorwegmaatschappij '

rh 02-2026